Black Friday en schoon drinkwater

 

 

Het AD wil de zwartepietendiscussie niet stoppen en voor- of tegenstanders de mond snoeren, maar opschorten tot na het sinterklaasfeest.

Daarmee wordt de discussie juist weer aangezwengeld; alle praatprogramma’s besteden er weer aandacht aan. En ik nu ook. Dus genoeg hierover, voor mijn part voor altijd.

 

Mijn computer gaat bijna op zwart omdat mijn mailbox volloopt met allerlei advertenties over aanbiedingen op Black Friday. Vader- , Moeder- en Valentijnsdag zijn kennelijk niet meer voldoende voor de middenstand. Artikelen die speciaal voor deze dag zijn ingekocht, worden met quasi kortingen tot wel 70% aangeboden. Maar goed, dat is het spel.

Uiteraard is dit verschijnsel weer afkomstig uit het ‘mooie’ Amerika: ‘Sale on Black Friday.’ Amper de kalkoen van de vorige avond – Thanksgiving Day – naar binnen gewerkt of de Amerikanen drukken elkaar haast dood om toch vooral als een van de eersten de winkels te bestormen en geen ‘sale’ aan hun neus voorbij te laten gaan.

 

Uit een heel ander deel van de wereld komen berichten die zwarter dan zwart zijn en beslist geen spel: berichten over landen waar iedere 90 seconden een kind sterft door gebrek aan iets toch (ogenschijnlijk) heel simpels: schoon drinkwater. Met een rantsoentje van een paar liter moet een heel gezin het een week lang doen. Deze ‘korting’ gun je niemand. Op geen enkele dag!

Als ik gedoucht heb en gedurende de dag veel water drink omdat het gezond is en even later weer mijn handen was, doe ik dat dan in onschuld? Ondanks dat ik een jongetje van drie jaar oud met de lengte van een kind van een jaar op mijn netvlies heb?

 

Als op Black Friday (en andere dagen!) de voorraad flessen drinkwater uit de supermarkt wordt gehaald in landen waar schoon drinkwater gewoon uit de kraan komt, verzameld en naar de landen wordt vervoerd waar geen water door de leidingen stroomt, dan is het probleem gedeeltelijk opgelost. Als een verstuurd appje met een foto binnen luttele seconden aan de andere kant van de wereld kan worden ontvangen, dan moet dit technisch en logistiek mogelijk zijn.

Maar gedeeltelijk opgelost is geen oplossing, want zolang de droogte aanhoudt en er geen échte milieumaatregelen worden genomen, zal dit probleem blijven bestaan. Als iedere 180 seconden een kind sterft in plaats van iedere 90, dan is er niets opgelost!

 

Drie stapeltjes

 

‘Alles is in orde, mevrouw.’

‘Kan het terugkomen?’

‘U heeft evenveel kans als iedere andere vrouw.’

‘En de correctie?’

‘Die kan later. Geniet van de zomer, ruim uw geest op in plaats van alles op te stapelen.’

 

Het linker stapeltje – weggooien – is het gemakkelijkst. Het rechter – wassen en strijken – is ook geen probleem, behalve dat strijken nog pijnlijk is.

Bij het middelste stapeltje – twijfel – staat ze lang stil. Diep uitgesneden bloesjes, topjes met een laag decolleté. Naar het linker of rechter stapeltje? Bovenop ligt de bandeaubikini die ze vorig jaar had gekocht, toen die sluipmoordenaar zich nog niet had geopenbaard.

Ze staat voor de spiegel, maar met gesloten ogen doet ze de bandeau om… Ze ziet hoe ze er ooit uitzag.

 

De stof laat ze door haar vingers glijden. Ze voelt haar borst die er niet meer is. De andere is mooi en rond en lijkt zich af te zetten tegen de afgezette borst.

Haar man heeft nog steeds niets anders gezegd dan ‘je bent nog steeds mooi’. Dat ‘steeds’ benadrukt dat er iets is veranderd. Ze wil het meisje weer zijn dat haar puberteit beleeft om een vrouw te worden. In de spiegel kijken zonder gelijk haar hoofd weer weg te draaien. Haar borsten zien groeien.

 

De correctie duurt nog maanden. En dan nog… Het blijft nep. Hoe voelen siliconen in je hoofd? Onbegrijpelijk dat vrouwen in hun gezonde borsten laten snijden voor een maatje meer.

Ze haalt de kleding uit de vuilniszak die ze voor de zoveelste keer er weer in heeft gedaan, of liever gezegd, gegooid. De tik van een traan op de vuilniszak worden tikken.

 

Ze kleedt zich aan en doet d’r haar goed. Haar! Ja, dat heeft ze weer. Die pruik heeft nooit op een stapeltje gelegen. Zodra ze die niet meer nodig had, hebben ze hem in een vuurkorf in de tuin verbrand. Een stinkende tijd verdween in de lucht. Er werd voor haar geapplaudisseerd. Met een gemaakte glimlach deed ze of ze van haar glaasje kinderchampagne genoot. De barbecue ernaast werd op de eerste warme avond weer gezellig in gebruik genomen. Het was op de dag dat de keuringsarts had gezegd dat de vermoeidheid nu wel weg was. Het leven ging weer gewoon door. Dat was maar goed ook – vond iedereen. En ze kon gewoon blijven zitten, zelfs het wegwerpbestek hoefde ze niet weg te gooien, vond haar man die te veel had gedronken, maar dat wel had verdiend na die voor hem ook moeilijke tijd. Evenals de eerste vrijpartij sinds lange tijd, die ze haast uitredend uit haar gehavende lichaam onderging. Met het licht uit.

 

Ergens boven in de kast maakt ze een stapeltje zonder het te benoemen. Ze kijkt voorbij haar spiegelbeeld en ziet de foto’s op haar nachtkastje. Het is goed, voor nu althans. ‘Alles is in orde,’ had de arts gezegd. ‘Evenveel kans als iedere andere vrouw.’ Het leven zit vol met kansen en percentages.

Maar tranen van verdriet en blijdschap zijn procentueel niet van elkaar te onderscheiden.

 

 

Sint-Maarten is geen feestje

 

Code oranje? We fietsten er gewoon doorheen omdat die nog niet bestond. Niet zeuren, maar wat harder trappen in een lagere versnelling als je die had. Straatjes binnendoor nemen, dan had je wat minder last van die stevige wind die tegenwoordig storm heet.

 

Je hoort en ziet toch het weerbericht op de diverse zenders; herhalingen van herhalingen. Tussen die berichten door verslagen van de orkaan Irma – waarom die orkanen altijd dit soort namen krijgen is mij een raadsel.

Nadat ik voor de zekerheid mijn oude, krakkemikkige zonnescherm nog wat vaster zet, zie ik op tv dat er niet veel van Sint-Maarten is overgebleven. Ik probeer me voor te stellen hoe verschrikkelijk dat is terwijl ik naar mijn inboedel kijk. Hoe verschrikkelijk het is als je niets te eten meer hebt, je je kinderen niets te eten kan geven. Welke code moet je daarvoor geven?

Te eten heb ik het over. En je huis kwijt zijn waar wellicht een zonnescherm aan gehangen heeft. Persoonlijke bezittingen zoals foto’s en andere dierbare herinneringen. Of nog erger, zoals dierbaren verliezen.

Maar dat de orkaan alles heeft verwoest wil nog niet zeggen dat je maar moet gaan plunderen. Goede mensen sjouwen geen dozen met tv’s en computers op hun rug mee door het water. Goede mensen stelen hooguit eten. Stelen kun je dat niet eens noemen.

 

Dat er een tv-actie zou komen wist je wel. En natuurlijk weer aangekondigd door BN’ers die ons moeten aansporen om toch vooral te doneren. In rijen staan ze klaar – vooral diegenen die even wat minder in beeld zijn geweest – om plaats te nemen in een telefoonpanel om aan brandmarketing te doen: kan nooit kwaad om het eigen merk te promoten en aan naamsbekendheid te doen.

Wat zijn ze toch goed. Vertellen tranentrekkende gesprekken die ze gevoerd hebben met mensen die nog dagen onder de indruk zijn van hun gesprek met de BN’er.

Een jongetje komt de inhoud van zijn kapotgeslagen spaarvarken, wel tien euro, brengen. Tranen van ontroering bij de presentator. Het jochie is zelf haast in tranen – ja, als je gedwongen wordt door je vader met die hamer in zijn hand… Vader wil ook wel eens op tv komen. Wie weet krijgt hij de kans om de naam van zijn bedrijf te noemen.

 

Als aan een inwoner van Sint-Maarten wordt gevraagd wat hij ervan vindt dat Willem-Alexander het eiland bezoekt, zegt hij diplomatiek dat dat voor de oudere generatie misschien wel waarde heeft. Hijzelf heeft niet zoveel met het koningshuis. En hij vraagt zich af of dat grote regeringsvliegtuig niet beter evacuees had kunnen vervoeren.

Hij heeft niet veel met Nederland. Wij met Sint-Maarten evenmin. Want we kennen dit eiland toch vooral van de aardrijkskundeles. Dat neemt niet weg dat mensen in nood te allen tijde geholpen moeten worden. Waar dan ook in de wereld en in allerlei gradaties. Dus ook in Groningen. Maar dat kennen we eveneens alleen maar van de aardrijkskundeles en door Freek de Jonge en Jan Mulder. Daar werd de geldkraan niet zo ver voor opengedraaid. De gaskraan wel.

 

’s Avonds is het dan zover. Zowel RTL Late Night als Pauw laat live de uitslag zien van wat de inzamelingsactie heeft opgeleverd. Met een druk op de knop laat Irene Moors de eindstand zien: 13 miljoen euro! Uitgerekend weervrouw Helga van Leur komt close-up in beeld. Ze ontploft zowat van blijdschap alsof ze een schuldgevoel heeft dat ze orkaan Irma niet heeft kunnen keren.

 

Opmerkelijk is de reactie van Jeroen Pauws gast Kees van Kooten, die op karakteristieke wijze zegt dat het beter was geweest om de gezinnen persoonlijk financieel tegemoet te komen en verder te helpen: ‘Zoveel mensen wonen er niet op Sint-Maarten.’ Hij rekent voor hoeveel gezinnen er ongeveer moeten zijn…

 

Het Rode Kruis zorgt ervoor dat al het geld en/of de goederen bij de juiste mensen terecht zullen komen. Dat zal wel. Maar wie garandeert mij dat tot ‘de juiste mensen’ niet die dozen sjouwende criminelen behoren?